Veel vrouwen die voor het eerst zullen bevallen vragen zich af hoe je het begin van de bevalling herkent. Het meest makkelijke symptomen van de beginnende bevalling zijn natuurlijk het verliezen van de vruchtwater (wanneer je vliezen breken) of verlies van de slijmprop. Echter beginnen de meeste bevallingen met weeën. De baarmoeder trekt zich samen waardoor de baarmoedermond verandert (verstrijken, verweken en ontsluiten).

De ontsluitingsfase

De ontsluiting is simpel gezegd het opengaan van de baarmoedermond. Eerst moet de baarmoedermond verweken voordat het open kan gaan. Vervolgens zal de baarmoedermond met elke wee (contractie) zich een beetje oprekken tot de volledige ontsluiting van 10cm. Bij een volgende bevalling gaat het sneller dan bij de eerste.

Fases van ontsluiting

In het begin van de eerste fase van de ontsluiting zullen de weeën nog onregelmatig zijn. Naarmate de bevalling vordert zullen ze met een regelmaat komen. In het beginfase komen ze nog tussen de 10 minuten en zullen tussen 40-60 seconden aanhouden. De contracties komen in de tweede fase van de ontsluiting vaker, houden langer aan en zullen ook pijnlijker worden. De regelmaat van de weeën varieert tussen de 3 en 4 minuten.

De eerste fase van de ontsluiting is van 0 tot 4 cm, de tweede fasen is van 4 tot 8 cm en de laatste derde fase is van 8 tot 10 cm ontsluiting.In de derde en laatste fase zijn de weeën heel heftig en komen snel achter elkaar, de zwangere moet zich goed concentreren om de weeën op de vangen. Wanneer de ontsluiting 10 is, wordt er van een volledige ontsluiting gesproken en mag de zwangere persen. Hiermee komen we in de volgende stadium van de bevalling namelijk de uitdrijving.

De uitdrijvingsfase

Nadat de ontsltuitingsfase voltooid is en er is een sprake van 10 cm ontsluiting krijgt de zwangere aandrang om te persen. Deze lijkt op de drang bij een toiletbezoek maar is vele male sterker. Zwangere kan niet anders dan actief mee persen, in het geval dat vrouwen deze persweeën moeten opvangen en juist niet mee persen wordt het als zwaarste deel ervaren. Baby wordt door de geboorte kanaal geduwd met 80% van de uitdrijvingskracht (weeën) en 20% actief mee persen van de moeder.

Het kan voorkomen dat er bij een vrouw inknippen noodzakelijk is, dat kan wanneer baby groot is en kan anders moeilijk geboren worden, of als de vrouw anders ongecontroleerd zou scheuren.

De nageboorte

Binnen ongeveer 10 minuten na de bevalling wordt de placenta nog uitgestoten, pas dan is de bevalling afgerond. De geboorte van de placenta kan bespoedigd worden door de injectie met oxytocine. Wanneer de placenta binnen 1 uur na de bevalling nog niet is uitgedreven moet het worden verwijderd door de gynaecoloog. Doordat de placenta een wond achterlaat in de baarmoeder, blijft de vrouw nog vloeien tot enige weken na de bevalling.

Na de bevalling

De tijd na de bevalling is zeer spannend en heftig voor de vrouw. Naast alles wat ze net heeft meegemaakt tijdens de bevalling, moet ze ook wennen aan de nieuwe situatie. Vooral de eerste dagen zijn erg zwaar omdat ze nog veel pijn heeft en heftig kan vloeien, echter geldt het niet voor elke vrouw. Sommige vloeien net als bij de gewone menstruatie. Mocht er besloten worden om borstvoeding te geven dan zal ieder moeder daar ook in het begin veel tijd aan moeten besteden. Niet alleen de baby moet het leren maar ook de moeder, de eerste dagen kunnen de tepels ook heel gevoelig zijn, wat extra vervelend is.

Kraamtijd

Gelukkig zal de eerste dagen een kraamverzorgster aanwezig zijn voor een paar uurtjes per dag (afhankelijk van wat er is gekozen). Zij geeft veel handige tips en adviezen en kan een jonge moeder helpen en begeleiden waar nodig. Het is de bedoeling om in de kraamperiode veel te rusten en vooral genieten van de baby.

De kraamverzorgende zal 7 tot 8 dagen komen helpen en sluit ze dan de kraam periode af, als goed is zijn de jonge moeders dan ook al meer opgeknapt en kunnen zelf veel meer.

Rond 6 weken na de bevalling komt voor de laatste keer nog de verloskundige langs om de moeder te onderzoeken of alles goed is genezen van de bevalling. Deze onderzoek vindt vaak plaats thuis, maar het kan ook zijn dat de verloskundige liever heeft om deze bij de praktijk te doen. Mocht de vrouw onder controle zijn geweest bij de gynaecoloog, dan zal de controle toch gedaan worden door de verloskundige.

Door de site te te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten